Voordelen D-systeem t.o.v. C-systeem

Nieuwbouwwoningen worden momenteel zo veel mogelijk geïsoleerd en zo luchtdicht mogelijk gebouwd om de warmteverliezen in de winter te minimaliseren en te besparen op energiekosten. De keuze van het ventilatiesysteem speelt daar een belangrijke rol in.

Indien men voor een C-systeem kiest zal men in de winter koude lucht aanvoeren via de raamroosters in tegenstelling tot een D-systeem. Bijgevolg zal men in de wintermaanden meer energie nodig hebben om de woning op te warmen daar deze raamroosters in principe als koudebruggen functioneren. Dit resulteert dan ook in een groter vermogen voor de centrale verwarming wat op zijn beurt resulteert in een grotere investering. Een D-systeem daarentegen zal zorgen voor een kleinere CV-installatie hetgeen resulteert in een lagere aankoopprijs, besparing op de energierekening en onrechtstreekse E-peil verlaging. Verder heeft een D-systeem als voordeel dat de warmte van de afgevoerde binnenlucht gerecupereerd wordt door de warmtewisselaar. Het aanzienlijk minder verbruik van brandstof bij een D-systeem zal uiteindelijk ook resulteren in minder vervuiling en CO2-uitstoot hetgeen moeder natuur ten goede komt.

In de zomer zal men bij een C-systeem constant de warme buitenlucht aanvoeren. In tegenstelling tot een D-systeem waarbij de warme toevoerlucht van buiten lichtjes wordt afgekoeld door de iets koelere binnenlucht. Bijgevolg zal de opwarming van een woning met een D-systeem trager verlopen dan bij een C-systeem. Daarenboven zal de bypass-functie van een D-systeem ervoor zorgen dat gedurende de nacht de frissere buitenlucht rechtstreeks wordt ingeblazen en de warme binnenlucht afgevoerd wordt naar buiten.

Energiebesparing

Algemene statistieken lieten zien dat de jaarlijkse besparing bij een D-systeem door warmterecuperatie in de winter en free-cooling d.m.v. de bypass in de zomer schommelt rond de 150 à 500 euro.

Verder kan men nog E-peilpunten winnen door vraaggestuurd te ventileren bij een C- of een D-systeem. Zo zal dan het toestel niet constant op volle toeren draaien maar enkel indien er een hoog CO2 of vochtgehalte gedetecteerd wordt. Hierdoor zal men meer energie besparen.

Nu moet men wel goed opletten dat men zich niet blind staart op dat ene gegeven: namelijk het E-peil van de woning. Er bestaat ook nog zoiets als wooncomfort, prijs, toekomstgericht denken, onderhoud, plaatsgebrek, ...

Wooncomfort en luchtkwaliteit

Daar men bij een D-systeem geen raamroosters heeft zal men geen last hebben van omgevingsgeluiden en tocht verschijnselen. Door een juiste positionering van de ventielen zal men een betere doorluchting van de woning creëren.

Verder kan een D-systeem eenvoudig uitgebreid worden met diverse filtersystemen op de toevoer dewelke geuren, vluchtige organische stoffen, schimmels, virussen en bacteriën kunnen elimineren wat ten goede komt van de luchtkwaliteit en de gezondheid. Terwijl men dit op de toevoer raamroosters niet kan toepassen.

Tevens ligt het toevoerdebiet bij een D-systeem hoger dan bij een C-systeem (wettelijke eisen) waardoor men per uur meer verse, gefilterde lucht zal toevoeren.

Kostprijs systeem

Er wordt vaak gedacht dat een C-systeem goedkoper is als een D-systeem maar deze gedachte is onterecht. De huidige vraaggestuurde C-systemen met kleppen hebben redelijk wat electronica ingebouwd en tevens wordt er niet alleen afgevoerd in de natte ruimtes maar ook de slaapkamers waardoor men toch al aanzienlijk veel leidingwerk krijgt. Verder mag men ook de kostprijs van de raamroosters niet over het hoofd zien. Als men dan al deze aspecten begint op te tellen zal de kostprijs van een C-systeem ongeveer op hetzelfde niveau zitten als een D-systeem.

Onderhoud

Er wordt vaak verteld dat men bij een C-systeem geen onderhoud heeft terwijl men bij een D-systeem intensief onderhoud moet toepassen. (filters en kanalen reinigen).

De kanalen van een D-systeem en voornamelijk de kanalen voor toevoer van verse lucht naar de leefruimtes worden beschermd door een filter in het ventilatietoestel zelf. Deze filter kan gaan van G3 (standaard) tot F7 (pollenfilter). Hierdoor is de “vervuiling” van deze kanalen zo goed als nihil op voorwaarde dat de filters om het half jaar worden vervangen. De kanalen die meer kans hebben op eventuele vervuiling zijn de afvoerkanalen die zowel voorkomen bij een C-systeem als een D-systeem. Het fijn stof in de kamers kan via de kanalen meegezogen worden tot aan het toestel. Bij een D-systeem zit hiervoor ook een filter die ervoor zorgt dat deze onzuiverheden niet in het toestel zullen terecht komen. Bij een C-systeem is er geen filter waardoor de kans bestaat dat deze onzuiverheden zich op de schoepen van de ventilator vastzetten wat onbalans veroorzaakt en dus extra slijtage. Dus spreekt men over onderhoud met betrekking op de reiniging van de kanalen dan geldt dit zowel voor een C-systeem als een D-systeem.

Het is een feit dat men filters heeft in een D-systeem (ter bescherming van het toestel maar ook om de onzuiverheden uit de aangevoerde lucht te filteren). Het voordeel van deze filters is dat men hier op een gemakkelijk bereikbare plaats de filter kan reinigen of vervangen terwijl men bij een C-systeem de raamroosters rondom het huis en zowel gelijkvloers als op hogere moeilijk bereikbare verdiepingen kan gaan schoonmaken via de buitenkant. Ook deze raamroosters dient men te onderhouden (verwijderen van eventuele insecten, zand en andere onzuiverheden).

Zowel voor een C- als voor een D-systeem is het aan te raden om om de 9 jaar de kanalen te reinigen. Om een eindklant attent te maken op de onderhoudsvoorschriften worden er QR-codes aan op de toestellen aangebracht.

Plaatsgebrek, ruimte voor de installatie zelf

Enkele jaren geleden was het van zelfsprekend dat units van het type C kleiner waren dan een D-systeem. De eerste C-systemen waren dan ook niet uitgerust met vraaggestuurde kleppen en dergelijke. Door de ontwikkeling van een standaard C-systeem naar een vraaggestuurd C-systeem is de grootte van de unit ook aanzienlijk toegenomen. Aangezien men bij het vraaggestuurD-systeem elke kamer afzonderlijk wilt gaan ventileren moet men ook elke kamer afzonderlijk aansluiten. Het gevolg hiervan is dat men aan het toestel zelf met meerdere 6 tot 8 kanalen aankomt. Hierdoor neemt het toestel in zijn geheel samen met de leidingen meer plaats in beslag. In sommige gevallen kan dit zelfs meer zijn als een D-systeem waar men enkel voor de toevoer en afvoer een aansluiting voorziet. Door de evolutie van bouwen zal men ook steeds compacter bouwen waardoor het esthetisch ook belangrijk is dat de installatie er degelijk uitziet en dus geen “spinnenweb” van flexibele kanalen/geluidsdempers.

Indien de kanalen niet weggewerkt kunnen worden in gyprocwanden is het ook mogelijk om de leiding weg te werken in de chape/beton/vals plafond. Een voorbeeld hiervan is het Ventichape-Ventiflex systeem.


In samenwerking met: Ventiline



Comments

nog geen comment

Maak een comment